Tussen alle andere apps op mijn telefoon ziet het wezentje van Duolingo eruit alsof hij/zij altijd boos of verveeld is. Zelfs voordat ik ben begonnen met een Franse les. Het heeft dus echt niets met mij te maken. Maar toch. Ik zet altijd mijn beste jambe voor om nog een glimlachje uit dat wezentje te ontlokken. Helaas altijd tevergeefs: dat gezicht blijft op verveeldheid en donderwolken staan.
Binnen in de app is het andere koek. Daar word ik juist begroet met opgewekte geluiden, applaus, poppetjes die overdreven blij ‘Woehoeee!’ roepen als ik een paar woordjes goed heb en word ik onafgebroken beloond met schatkisten en andere bonuspunten. Een overdreven kermis in mijn ogen en ik zie het nut er niet zo van in.
De Franse taal spreken en schrijven is een wens die ik al lang koester en door de jaren heen spijker ik mijn kennis zo nu en dan wat bij. Tenslotte is een deel van mijn familie Franstalig en dan blijft het handig.
Maar goed, ook al is mijn niveau blijven steken op familiegesprekjes, vervoer en boodschappen, als ik bij familie ben, klets ik er gewoon lekker op los. En een glas wijn doet voor mijn spreekvaardigheid meer dan het uitzinnige ‘Woehoeee!’ van Duolingo.
Onlangs mocht ik mijn Frans weer eens testen tijdens een familiebezoekje.
Mijn zwager begroet mij op z’n Frans met twee luchtzoenen en ik besluit hem, met een knipoog, in mijn beste Frans uit te nodigen tot een iets warmere omhelzing.
‘Tu es prêt pour une propre embrasse?’
Hij kent me langer dan vandaag en glimlacht. Mijn schoonzus helpt een handje en legt uit wat ik bedoel: een echte knuffel, buik tegen buik.
‘Aussi avec les arms!’ voeg ik voor alle duidelijkheid nog toe.
En dan hoor ik achter mij ineens een enorme schaterlach.
Mijn schoonzus ligt dubbel.
‘Arms!’ giert ze. ‘Hahaha… arms!’
Un petit peu bleu kijk ik haar aan. Ik heb werkelijk geen idee wat er zo grappig is.
‘BRAS,’ weet ze uiteindelijk uit te brengen. ‘BRAS!’
En finalement tombe het kwartje.
Arms.
Natuurlijk.
Bras of arms, de boodschap was gelukkig wél begrepen. En zo sta ik even later toch maar in een warme buik-tegen-buik-en-armen-omhelzing.
En ergens, heel in de verte, hoor ik iets juichen:
‘Woehoeee!’

Geen opmerkingen:
Een reactie posten