vrijdag 4 september 2026

Woehoeee!

Tussen alle andere apps op mijn telefoon ziet het wezentje van Duolingo eruit alsof hij/zij altijd boos of verveeld is. Zelfs voordat ik ben begonnen met een Franse les. Het heeft dus echt niets met mij te maken. Maar toch. Ik zet altijd mijn beste jambe voor om nog een glimlachje uit dat wezentje te ontlokken. Helaas altijd tevergeefs: dat gezicht blijft op verveeldheid en donderwolken staan.

Binnen in de app is het andere koek. Daar word ik juist begroet met opgewekte geluiden, applaus, poppetjes die overdreven blij ‘Woehoeee!’ roepen als ik een paar woordjes goed heb en word ik onafgebroken beloond met schatkisten en andere bonuspunten. Een overdreven kermis in mijn ogen en ik zie het nut er niet zo van in.

De Franse taal spreken en schrijven is een wens die ik al lang koester en door de jaren heen spijker ik mijn kennis zo nu en dan wat bij. Tenslotte is een deel van mijn familie Franstalig en dan blijft het handig.

Maar goed, ook al is mijn niveau blijven steken op familiegesprekjes, vervoer en boodschappen, als ik bij familie ben, klets ik er gewoon lekker op los. En een glas wijn doet voor mijn spreekvaardigheid meer dan het uitzinnige ‘Woehoeee!’ van Duolingo.

Onlangs mocht ik mijn Frans weer eens testen tijdens een familiebezoekje.

Mijn zwager begroet mij op z’n Frans met twee luchtzoenen en ik besluit hem, met een knipoog, in mijn beste Frans uit te nodigen tot een iets warmere omhelzing.

‘Tu es prêt pour une propre embrasse?’

Hij kent me langer dan vandaag en glimlacht. Mijn schoonzus helpt een handje en legt uit wat ik bedoel: een echte knuffel, buik tegen buik.

‘Aussi avec les arms!’ voeg ik voor alle duidelijkheid nog toe.

En dan hoor ik achter mij ineens een enorme schaterlach.

Mijn schoonzus ligt dubbel.

‘Arms!’ giert ze. ‘Hahaha… arms!’

Un petit peu bleu kijk ik haar aan. Ik heb werkelijk geen idee wat er zo grappig is.

‘BRAS,’ weet ze uiteindelijk uit te brengen. ‘BRAS!’

En finalement tombe het kwartje.

Arms.

Natuurlijk.

Bras of arms, de boodschap was gelukkig wél begrepen. En zo sta ik even later toch maar in een warme buik-tegen-buik-en-armen-omhelzing.

En ergens, heel in de verte, hoor ik iets juichen:

‘Woehoeee!’

dinsdag 1 september 2026

Ik vond mijn badpak best leuk

Ook gisteren moest ik mezelf er weer behoorlijk toe zetten. Na het eten lonkte een kopje thee en even lekker nietsdoen, maar nee: het was tijd om mij in mijn badpak te hijsen voor mijn aqua-fit-les. Maar goed. Het is weer gelukt.

Gewapend met kleurrijke drijfgewichtjes voeg ik mij bij mijn medefanatiekelingen. We zijn een bonte verzameling. Voornamelijk boven de dertig, schat ik zo in, met een uitschieter naar 80+ en wij vrouwen komen werkelijk in alle breedte- en lengtematen.

In onze overwegend superdegelijke badpakken wachten we op onze hysterisch enthousiaste instructrice, die ons steevast ‘Meisjes!’ noemt. Dat is overigens zo ongeveer het enige wat ik van haar versta, want de opzwepende muziek met doodvermoeiende beat staat oorverdovend hard. De les zelf is trouwens minstens zo doodvermoeiend, maar wij ‘meisjes’ zetten massaal door.

Gisteren werd onze vertrouwde verzameling badpakken plotseling opgeschrikt door de komst van twee machtig mooie jonge dames. Iets te laat betraden ze het zwembad. Beter gezegd: ze maakten hun Entree.

De één in een supersexy zwart badpak, de ander in de kleinste stringbikini die ik ooit gezien heb. Beiden prachtig goudgebruind en voornamelijk bestaand uit benen, borsten en een heerlijk aanstekelijke lach.

Het hele bad viel even stil.

Nieuwsgierig volgden we het tweetal, dat onder veel kabaal en gelach een plekje achteraan zocht. En dan gebeurt er toch iets merkwaardigs. Ik werd me ineens wel héél bewust van mijn eigen ongelooflijk superdegelijke badpak. Hoe comfortabel dat ook zit.

Tot vijf minuten daarvoor had ik het zelfs nog best een leuk badpak gevonden.

Aaahhh, de jeugd.

Hoe heerlijk om zo te genieten van de kracht en schoonheid van je jonge lijf en het ook gewoon te durven laten zien. Ik kan daarvan genieten. Misschien ook omdat ik me nog goed kan herinneren hoe ongemakkelijk ik me vroeger soms in een bikini kon voelen. Deze twee leken daar in ieder geval geen seconde last van te hebben.

Maar toen begon de les.

En jeugdelijke schoonheid blijkt geen enkele vrijstelling te geven bij aqua-fit.

Al snel werd er niet alleen meer gelachen. Onder luid protest werden buikspieren aangespannen, benen opgetild en armen door het water geploegd. De kleurige gewichtjes, die er aan het begin van de les nog zo vrolijk en onschuldig uitzagen, werden steeds luidruchtiger vervloekt.

Maar we stonden daar toch maar mooi met z’n allen:

de lange, de korte, de brede, de smalle, de jonge, de oude, de stringbikini en het degelijke badpak. Allemaal even charmant ploeterend in hetzelfde zwembad.

Na afloop hezen we ons uit het water: druipend, vermoeid en hopelijk wat strakker.

Thuis spoelde ik mijn trouwe badpakkie uit en hing het te drogen.

Tevreden constateer ik dat er gelukkig twee gestroomlijnde lijnen op staan voorgedrukt.

Scheelt toch weer.