zondag 30 juni 2024

Gaatjes vullen (14)

Het is weer zondag. Als ik stilhoud bij het verzorgingstehuis, staat mijn moeder al klaar. Niet meer fier en monter, maar fragiel en wankel. Haar fleurige en zwierige jurk, die ze altijd met charme droeg, hangt nu als een uitgebloeide bloem om haar heen. 

Normaliter licht haar gezicht op als ze me ziet, maar nu is er slechts een flauwe glimlach van herkenning. Het kost haar zichtbaar moeite om haar mondhoeken omhoog te plooien. Zelfs het even te gaan verzitten in de autostoel, maakt haar bekaf.

Na een uurtje in de tuin gezeten te hebben met een kopje thee en een koekje, komt er weer iets van kleur op haar wangen. Ook al hebben we elke tien minuten dezelfde gesprekken, toch hebben we het écht gezellig en ik ben blij en dankbaar dat ze er is. Langzaam maar zeker daalt ze van haar dementerende wolk af en landt weer iets meer in het fysieke lichaam en begint ze weer meer op te merken. Zo ook het grote gat in mijn tafelkleed.

'Daar zit een gat', zegt ze dan en met haar goedverzorgde nagel prikt ze triomfantelijk in een groot gat.

'en daar ook een' en ook een tweede nagel prikt door mijn kleed. Ze vraagt direct om een naald en draad en zonder aarzeling, tover ik mijn naaimandje te voorschijn. Ook al heb ik zo mijn twijfels of moeder het nog kan, ik wil haar ook niet ontmoedigen. Dementie vormt vaak geen belemmering voor veel geautomatiseerde handeling, zoals bijvoorbeeld naaien, dammen, dansen, tanden poetsen, bidden.

Geconcentreerd zitten we allebei aan een punt van het tafelkleed en dichten elk een gat. Mijn moeder kon vroeger schitterend en onzichtbaar gaatjes stoppen, maar na een klein kwartiertje hoor ik haar mopperen dat ze óók dit niet meer kan. Binnensmonds moppert ze op zichzelf hoe ze achteruit holt, dat ze een hoofd heeft als een vergiet, dat ze niet eens meer in de tuin kan werken, dat ze niet meer kan koken, niet kan knippen, strijken en dan nu ook niet eens meer naaien.

En met een diepe zucht werpt ze het tafelkleed in de ring. 

Als ik het resultaat zie, valt het allemaal best wel mee en ik tracht haar wat op te beuren. Tenslotte was ik er echt niet aan begonnen als ze me niet had aangespoord. Mijn man voegt er nog aan toe dat het niet om het resultaat gaat maar om het proces. Ze beurt er iets van op en dan ineens zie ik een guitige grijns op haar gezicht verschijnen en kaatst ze olijk terug:

'jullie hebben mooie praatjes, maar praatjes vullen geen gaatjes!'



maandag 13 mei 2024

Geluk op de hoek van de straat!

Bijna fiets ik langs hem heen, maar op het laatste moment herken ik een man uit mijn verleden. Voor zijn hoge leeftijd loopt hij nog met flinke pas en maakt alleen gebruik van een wandelstok. Hij moet even schakelen nu ik van mijn fiets afstap en hem aanspreek, maar hij herkent mij snel en schenkt mij een vriendelijke glimlach. In ons verleden is er wel wat schuring geweest tussen ons en dat maakt dat deze ontmoeting op de hoek van de straat toch ook wel wat spannend is.

Al snel vertelt hij dat zowel hij als zijn vrouw de komende maanden jarig zijn; maar liefst 90 jaar worden ze beiden. Hij ziet er goed en verzorgd uit, deze hoogbejaarde heer. Hij mankeert maar één ziekte, zegt hij, en dat is de ouderdom. Hij lacht er hartelijk bij.

Verder gaat het allemaal goed. Iets strammer, iets minder stabiel maar de hersens werken nog meer dan uitstekend. Op mijn vraag of ouderdom werkelijk een ziekte is of dat je het ook zou kunnen zien als een geschenk - dat je zo oud 'mag' worden - geeft hij onomwonden antwoord. 

'Dat heb ik van niemand gekregen hoor! Dat heb ik zelf gedaan; gewoon goed voor jezelf zorgen en goed eten!'. 

Laatst nog las hij een artikel over gezond oud worden en voeding. Hij had bij zijn kleinkinderen maar weinig bijval hiervoor gekregen maar dat deert hem bepaald niet. Hij staart dan even peinzend voor zich uit waarna hij zichzelf corrigeert: 'Nou, ik heb het niet zelf gedaan hoor. Ik ben wel eerlijk: mijn vrouw is degene die elke dag voor mij zorgt; gewoon aardappelen, groenten en een stukje vlees of vis!'

Wat later laat hij zich ontvallen dat hij en zijn vrouw samen zo gelukkig zijn en dat ze het leven met elkaar koesteren en bijna in één adem zegt hij onomwonden: 'En als één van ons twee overlijdt, dan moeten we maar samen gaan'. 

Het klinkt als een vurig betoog en de saamhorigheid tussen de twee spat ervan af. Als je toch al zo lang met elkaar samen bent, ben je natuurlijk verknocht aan elkaar en kan ik me zo goed voorstellen dat samen overgaan, zo mooi zou zijn. 

Dan vraagt hij ook nog belangstellend naar mijn moeder en ik merk hoe blij ik ben dat ik even van mijn fiets ben afgestapt om met hem te kletsen. Kennelijk vindt hij hetzelfde, want terwijl hij met z'n stok in zijn ene hand en een boodschappentas in zijn andere hand, zijn weg vervolgt, zegt hij: 

'Nou kind, fijn dat je even bent gestopt en dat we even konden kletsen! Groeten aan je man en je moeder'.

Verder mijn weg vervolgend, voel ik hoe zo'n klein en kort gesprek gewoon goud is en hoeveel vriendelijkheid er in deze kleine uitwisseling plaatsvond. 

Geluk zit soms echt in een klein hoekje en soms vind je het op de hoek van de straat!

dinsdag 30 april 2024

Lichtpuntje (13)

Mijn zus en ik bellen elke dag met moeder. Zij in de avond en ik in de ochtend. De afgelopen weken klinkt de stem van moeder benepen en ze blijft haar boodschap herhalen:

'Ik heb er geen zin meer in. Van mij hoeft het niet meer. Ik heb er genoeg van. Ik heb een mooi leven gehad, maar het is nu welletjes.Geef mij maar een pil.' Het zou bijna zo'n foute smartlap van Hazes kunnen zijn. In een flits zie ik moeder en André samen in eenzaamheid hangen in een discotheek. Ondenkbaar, maar in mijn geest kan veel kennelijk.

Mijn moeder begrijpt maar niet dat ze nog steeds leeft. Van alle broers en zusters had zij de zwakste gezondheid en tot op de dag van vandaag blijft het haar verbazen dat ze de hongerwinter in 1944/45 heeft overleefd. En dat uitgerekend zíj nu maar niet dood gaat, dat vindt ze ronduit 'B E L A C H E L I J K'.

'Kind, ik heb alles gedaan! Wat moet ik hier nog? Ik heb niemand meer! Iedereen is dood!'

En dan gaan we zoeken naar de lichtpuntjes. 'Ho ho, wij zijn er nog toch? Straks komt er koffievisite en vanmiddag is er zingen in de zaal en morgen is er een uitje naar Urk.'

Een paar weken geleden konden deze lichtpuntjes haar nog wel opbeuren en nu ziet ze het als 'bezigheidstherapie' en afleiding van de naakte waarheid: Moeder ervaart een diepe eenzaamheid die met geen enkele bezigheidstherapie weg gaat.

Vaak vermande zij zichzelf weer en deed haar best om opgewekt en opgeruimd te klinken. Maar de laatste weken hangt er steeds vaker een sombere sluier over haar heen. Haar altijd rechte schouders beginnen te hangen, haar open blik verandert steeds vaker in een afwezig gestaar, haar frisse teint is vervangen voor een grauw masker en haar geest is regelmatig helemaal verward. Vasculaire dementie. Soms weet ik ook niet meer wat te doen of wat te zeggen, behalve te bevestigen dat ik haar hóór, dat ik haar begrijp en haar gevoelens respecteer.

'Mam ik hou van u'. 

Dan zakt de sluier en zegt ze: 'Dat is zo fijn te horen en ik hou natuurlijk ook van jou! Dank je wel voor je belletje. Daar knap ik zo van op! Dat is een klein lichtpuntje voor me.'

Dat een kort telefoontje toch een lichtpuntje mag zijn, maakt me elke dag dankbaar.
 



Meer weten over bewustwording: www.silent-touch.nl

woensdag 17 april 2024

Denk je aan gospel, dan denk je aan...?

Onze koordirigente brengt bij het opwarmen van onze stemmen vaak een eenvoudig liedje in. Dit keer het refrein van een gospelsong:
'It will get better, better
It will get better, better
It will get better
God is in control!'

Na de eerste inzingronde vraagt onze dirigente: 'Waar denk je aan bij gospel?'

Tja, denk ik aan gospel, dan denk ik aan God. Daar hoef ik niet over na te denken en dan ploeft het er ook uit:

'Aan God natuurlijk!'

De Naam hangt even stil in de ruimte en ik hoor hoe mijn spontane uitroep wat aarzelend eindigt in een sputterend vraagteken. Niet goed?? Misschien was Whitney Houston toch beter geweest?

De dirigente lost glimlachend het ongemak op met de bemoedigende woorden dat het natuurlijk prima is om aan God te denken maar omdat we in een koor zitten, we ook in 'zangtermen' kunnen denken. En ja, ze heeft gelijk! Het moment leent zich er natuurlijk helemaal niet voor om uit te zoeken wie, wát verstaat onder 'God' - als je dat al onder woorden zou kunnen brengen. 

Al snel klinken er andere opties, zoals zingen met vibratie (overigens een uitstekende andere naam voor God, denk ik in stilte) of rond en open. 

Zo gezegd zo gedaan en binnen de kortste keren zingen we uit volle borst, vol enthousiasme en ook nog driestemmig:

'BÈhehetter! BÈhehetter!

It will get bèhetter!'

Na drie knallende rondes merkt een medezanger droogjes op dat we ietwat klinken als een kudde mekkerende schapen. Terwijl ze het zegt, zie ik direct De Herder met zijn kudde schapen door de zaal lopen. Hoe ik ook mijn best doe, ik kan echt niet serieus blijven. Ik ben echt een verloren schaap.


zondag 24 maart 2024

Dromen over zeven

‘In de branding liggen mijn zeven klassieke, kostbare speedboten op een rij, van klein naar groot. De dichtstbijzijnde boot heeft een klein formaat en helemaal aan het einde van de rij ligt de grootste. Het is een indrukwekkend gezicht. Het hagelwitte strand wordt omzoomd door palmbomen en de azuurblauwe zee strekt zich uit onder een wolkeloze lucht. Dan krijg ik de opdracht om te gaan varen en ik stap in de dichtstbijzijnde, kleinste boot. Eenmaal aan boord begint het te waaien en een flinke storm steekt op. Donkere wolken pakken zich samen en het schip wordt heen en weer geslingerd op de steeds wilder wordende oceaan. Er is geen paniek, slechts verbazing dat het weer zo is omgeslagen en ik vraag me af waarom ik uitgerekend nu ben gaan varen? Ik blijf praktisch en trek een zwemvest aan.’

Bij zo’n heldere droom vraag ik me af of deze een specifieke betekenis heeft? Samen met een vriendin associëren we op mijn droom. Bij haar komt het Bijbelse verhaal van Matteüs 8, 23-27 naar boven: Jezus vaart met zijn volgelingen op een schip, dat in een storm belandt, waarbij iedereen in paniek is, behalve Jezus; hij is vol vertrouwen in de Vader. Dat diepe vertrouwen raakt.

Wat later associeer ik met mijn man nog wat verder over het getal zeven. ‘Zeven dagen van de week, zeven (grote) chakra’s, zeven tonen in de toonladder, zeven kleuren in de regenboog. Zeven is een priemgetal (uitsluitend deelbaar door zichzelf). Zeven organen, zeven zonden, zeven deugden’. Ik begin helemaal enthousiast te worden. ‘Zeven vette jaren, zeven magere jaren, zeven plagen, zeven engelen’.

Dan wordt het stil en ik vraag me af wat er nu precies zichtbaar wil worden in zo’n droom? Vaak staat zo’n droom niet op zich. Het leven geeft onafgebroken vingerwijzingen en de kunst van het leven blijft om deze op te merken, zonder er iets spiritueels, magisch’ of bijzonders van te maken. Eerder open, present en speels. 

Alsof mijn man mijn gedachten kan lezen, hoor ik hem ineens droogjes zeggen:

‘En vergeet vooral de Zeven Dwergen niet.’ 

 
 

 

maandag 18 maart 2024

Doe 's lief! (12)

Elke ochtend bel ik mijn moeder. Gewoon om te vragen hoe ze zich voelt, wat er op haar programma staat en hoe haar stemming is. Door de vasculaire dementie wisselt haar stemming nogal de laatste tijd. Al een aantal dagen op rij klinkt moeder somber, zwaarmoedig en gedeprimeerd. 

Mijn - over het algemeen - opgewekte moeder verdwijnt stukje bij beetje en haar opgeruimdheid maakt plaats voor een stille somberte. Het is een pijnlijk proces. 

Meestal kan ik haar wel opvrolijken en is er vooral diep respect en begrip voor haar. Maar vandaag voel ik ineens dat er ongeduld in mij kruipt. Terwijl ik aan de telefoon ben, zit ik achter mijn laptop en scrol door wat nieuwsberichten heen. Af en toe zeg ik 'hmm hmmm' en eigenlijk ben ik er helemaal niet bij. Ik doe mijn best om nog even mijn aandacht erbij te houden, maar naast het ongeduld ervaar ik nu ook irritatie. Schaamte. Zucht. Menselijk.

 
'Ga je schamen! Het is je móeder! Doe 's lief!' ,
klinkt er een krakend, bemoeizuchtig en vooral luid stemmetje vanaf mijn schouder.

 

Het toeval wil dat ik juist op dat moment bij het scrollen een klein gebedje zie:

'Altijd lief te zijn voor and'ren
dat vergeet ik telkens weer.
'k wil niet boos of kribbig wezen.
Maak mij vriend'lijk.
Help mij Heer'.

Schaamte, ongeduld, irritatie lost op. En voordat mijn focus weer volledig naar mijn moeder terugkeert, denk ik met een glimlach aan de Franse schrijver George Bernanos:

'Mais, ce que nous appelons hasard, c'est peut-être la logique de Dieu?'
Maar, wat wij toeval noemen, is misschien de logica van God? 

Dat klinkt voor mij toevallig heel logisch!
 

 

Wil je meer weten over bewustwording?
www.silent-touch.nl

 

 



woensdag 6 maart 2024

In Gods naam vrede sluiten! (11)

Tijdens het opruimen van een keukenla bij mijn ouders vond ik een oud spel. Halma. Mijn moeder van over de 90 weet - met haar bij tijd en wijlen verwarde geest - precies wat de spelregels zijn.

Terwijl we spelen, grappen we (zij vooral) over haar geautomatiseerde kennis van zo'n spel, terwijl ze soms moeite heeft met de ooit voor haar zo vanzelfsprekende dingen, zoals het bijhouden van een agenda.
 
Geconcentreerd tracht moeder paadjes te vinden om haar pionnen zo snel mogelijk in het tegenoverliggende veld te brengen en ze is vastberaden mij te verslaan. Als haar enthousiasme iets te fanatiek wordt, merk ik lachend op dat het geen oorlog is maar een spelletje.
 
Dat triggert iets in haar en haar hele houding verandert plotseling als ze ze me vraagt of het waar is dat onze Joodse medelanders niet meer veilig zijn en dat er demonstraties waren bij de opening van het Holocaust museum. Haar verdriet en angst voor de wereldoorlogen van toen en nu is zichtbaar.
 
Met verdrietige ogen kijkt ze me aan en voegt er verslagen aan toe dat ze maar niet begrijpt waarom mensen niets hebben geleerd van eerdere oorlogen. Ze schudt haar witte krullen en buigt verslagen haar hoofd.
 
Moeder volgt elke dag het nieuws en is - ondanks haar ziekte - blijvend betrokken bij het wel en wee in de wereld. Samen spreken we over de oorlogen van toen en nu, over de onveilige situaties voor zovele mensen op zoveel plaatsen in de wereld, over alle zinloos verloren levens van mensen en dieren.
 
Dan zucht mijn moeder: 'ieder mens is even waardevol en elk mens mag zijn eigen geloof hebben. Hoe kan het toch zijn dat in de naam van God er zoveel leed wordt veroorzaakt?'.
 
Ik denk aan de boodschap uit de Bhagavad Gita 'the war is within' en begrijp steeds beter dat dit mystieke gevecht van goed en kwaad in ieder van ons woedt. Vaak ook nog onbewust. Ik besef dat we uitsluitend in onszelf kunnen en moeten beginnen. Ons gesprek verdiept zich als we hierover uitwisselen. 
 
Na ons gesprek zitten we met in elkaar verstrengelde handen samen in stilte en ervaren beiden een gevoel van vrede en saamhorigheid. Geen angst voor de toekomst, geen pijn uit het verleden. Vrede in dit moment. 'Peace is within'.
 
Laten we in Gods naam VREDE sluiten!