maandag 25 november 2019

Onschuldige gympjes

Het is een tijd geleden dat we elkaar zagen. Een jeugdliefde. Via het web hadden we elkaar getraceerd en na wat over en weer gemail spraken we af. En daar stonden we dan: 30 jaar ouder, maar eigenlijk zijn we in essentie niet veel veranderd. We kletsen wat af. Mijmerend over vroeger. We rakelen verhalen op over vrienden en vriendinnen. Lachen over onze jeugdige onzekerheden en eindigen met over wat ons nu bezighoudt. Een bijzonder weerzien.

Bij het afscheid kijk ik enigszins verlegen naar zijn schoenen. Het zijn mooie exemplaren van zacht leer. De kwaliteit straalt ervan af. Een herinnering popt in een keer in mijn hoofd. Zou hij het zich ook herinneren? Die eerste keer dat hij mij voor een feestje kwam ophalen bij mijn ouders thuis? Schoenen verslijten maar de herinnering aan zijn oude gympjes van die ene keer niet. Zou hij nog weten dat hij van top tot teen werd gewogen door mijn vader? Wist hij nog dat mijn vader bijna onzichtbaar zijn hoofd heen en weer bewoog en tot slot zijn handen theatraal ten hemel hief en een luide zucht slaakte en tot mijn stijgende afgrijzen bulderde:

‘En jij denkt dat jij op díe schoenen 
míjn dochter mee uit kunt nemen?’

De woorden klonken als kanonschoten. Ik kan me de doodse stilte die toen viel nog goed herinneren. Hoe ik mijn adem inhield en we allemaal staarden naar die onschuldige gympjes van deze onschuldige jongen. Ik voel nu nog hoe het schaamrood op mijn wangen kroop en mijn hart dat woest tekeer ging.
'Ooooo, pappp’, was het enige geluid dat ik toen kon uitbrengen, terwijl ik in het gat wilde zakken dat zich maar niet onder mijn voeten wilde openen.

Nu - 30 jaar later - kijk ik naar zijn schoenen en werp een schuine blik omhoog. Ik zie dat hij mijn blik volgt. 'Ja, ja, het zijn echte Bommeltjes'. Breed lachend vertrouwt hij me toe dat hij de raad van mijn vader wel in zijn oren had geknoopt: ‘Je vader zou trots op me zijn geweest’.






dinsdag 5 november 2019

Grumpy en de parel

Ochtendmens. Dat ben ik bepaald niet. Mijn dochter ook niet. En toch gaat vanochtend om half 6 de wekker en gaan we samen op pad. Niet het leukste uitje, maar als je kruisband is afgescheurd en je muniscus erbij bungelt dan is een operatie onafwendbaar. Een rol als dwerg Grumpy van Sneeuwwitje zou zeker voor ons beiden zijn weggelegd. Innerlijk toch ook glimlachend hierover, rijden we zwijgend richting Amstelveen. Ik realiseer me hoe goed we het hebben. Hoe pijnlijk een operatie ook is, we zijn nu onderweg op een veilige weg, in een veilige auto naar een veilig ziekenhuis met bekwame en vriendelijke artsen. Ik voel me dankbaar.

Terwijl mijn dochter zich hijst in haar little blue dress, installeer ik me in een hoek van de kamer. Dan wordt ze in het grote bed weggereden. We geven elkaar een dikke knuffel. Met haar twee lange blonde vlechten over de rand van het blauwe gewaad, ziet ze er kwetsbaar uit. Ze is dapper. Ik voel me dankbaar.

Ik haal een kopje koffie in de wachtruimte en dan hoor ik: 'Tante!!'. Verrast zie ik mijn grote neef en twee armen worden in een warm welkom om me heen geslagen. Hij vertelt over zijn knieblessures, maar al snel ontstaat er een uitwisseling over het leven, over wat ons echt bezighoudt en over hartepijn, vriendschap en liefde. De laatste restjes van de Goodmorning Grumpy verdwijnen als Sneeuwwitje voor de zon. Ik voel me dankbaar.

Het leven is als een continue ontmoeting, waarin een parel ligt besloten. Of het nu een moment is met mijn dochter of neef, een toevallige voorbijganger of de duifjes in mijn tuin, die parels zijn in elk moment in alles en iedereen. Het is een kunst om die parels te zien en ons daarmee te verbinden, in plaats van met de schaduwen die ons eigen ego overal op projecteert. Ook in de meest verdrietige en pijnlijke ervaring is een diepe schoonheid te vinden: overgave en liefde. Deze parelkunst begint wakker te worden. Ik voel me dankbaar.

Dat dagelijks rijgen, parel na parel, zonder voor- of afkeur is het grootste goed dat ons gegeven is. Het helemaal ontmoeten van wat er is, zoals het is. Soms moeten we daarvoor de donkerste diepte in en soms wordt het ons zomaar aangeboden in verbluffende schoonheid en eenvoud. Ik voel me dankbaar.

Ik mag weer naar mijn dochter toe en stilletjes knuffelen we elkaar. In ons zwijgen, wordt alles gezegd. Ik voel me dankbaar.

Meer weten over bewustwording? Kijk op Silent Touch voor inspiratie.

dinsdag 22 oktober 2019

Diagnose of hypnose?

'Vaststelling van een toestand op basis van bepaalde gegevens'. Dat is de betekenis van het woord diagnose.

Zo'n vaststelling kan best praktisch zijn. Tenslotte kunnen we binnen bepaalde therapieën en wetenschappelijk bewezen oplossingen een behandelplan opstellen en uitvoeren. 
Ik begrijp dat en ondersteun dat. Maar toch...Het zet ook iets vast en hoe zit het met de 'onbepaalde' gegevens, die zich niet zo makkelijk laten inkaderen?

Toen er een tijd geleden in ons gezin een diagnose werd gesteld, belandden ook wij in behandelplannen, -trajecten en wetenschappelijk bewezen onontkoombaarheden.

In mijn frustratie en angst had ik zelf ook maar 'vastgesteld' wat de oorzaak van de ontstane 'toestand' was, waarover de onverbiddelijke diagnose toch al werd vastgesteld. Eigenlijk wist ik 100% waardoor HET kwam. Totdat ik een bevriende arts  hierover sprak. Ik ben hem dankbaar voor zijn kritische en confronterende vraag, waarmee hij me een behoorlijke wake-up call en life-changing experience gaf:

'Weet je zeker dat je de oorzaak kent?'

'Ja, het kan bijna niet anders!'

Hij keek me forsend aan, werd even stil en vervolgde toen:

'Als jij 100% zeker weet dat het hier- of daardoor komt, dan sluit je ook 100% alle eventuele andere oorzaken en daarmee ook de opties tot genezing uit'.

BENG! BIG BENG!

Met deze éne zin stortten wat dichtgetimmerde muren ineen, werd de sowieso overbodige zelfingenomendheid ontzenuwd en waterdichte argumenten ontkracht.

Tegelijk met het opgeven van mijn-100%-zeker-te-weten-oorzaak, kwam er een 100%-opening-aan-opties en een niet te bevatten gevoel van vrijheid en compassie, alsof er een last van mijn schouders viel. Daarmee is de 'toestand' gewoon geen toestand meer.

Vergeleken bij deze zee van mogelijkheden, lijkt elke diagnose meer op een afschuwelijke hypnose. 

Sindsdien neem ik elke diagnose met een 100% korreltje zout.








Meer weten over bewustwording?

donderdag 26 september 2019

The Power of Now & The Power of Dogs

Het is niet meer weg  te denken: scannen van je documenten in de online werkomgeving. Scannen, oftewel een afbeelding omzetten in een digitale code, zodat we die later nog eens kunnen bekijken/nalezen en er iets mee doen. Wij mensen houden ervan om dingen vast te leggen, niet alleen als foto of document maar ook in ons geheugen. 

Scannen doen we natuurlijk ook allemaal in ons dagelijkse leven en ook dan slaan we iets op, soms heel specifiek. Iets dat we herkennen en waar we iets mee kunnen, moeten of willen doen. Vaak onbewust.

Als we een kamer binnenlopen, dan scannen we ongemerkt vaak iets waar onze focus op ligt, Belangstelling, doel, beroep en in welke rol je bent, bepaalt wat je direct scant. Als moeder scan je iets anders dan als vader. Als golfsurfer ligt je belangstelling nu eenmaal ergens anders dan als marktkoopman en daarmee ook je scangedrag. In een bar scan je razendsnel waar de drinkmaten staan. In een oogopslag wordt zoveel gezocht, gevonden, geregistreerd en meestal zonder dat je je daarvan bewust bent. Maar missen we misschien daardoor iets?

Ik moet altijd vreselijk lachen om onze honden. Zoals zij een terras oplopen. Als het kan ongelijnd. Volkomen open en vrij struinen ze langs tafels, langs mensen en kijken op en onder tafels, stoelen. Zij scannen niet, zij zijn niets van plan, ze zijn niet ergens op voorbereid. Ze registeren andere honden en als we ze vrij en ongemoeid laten dan is er soms een kleine schermutseling en soms een ijskoud negeren. Soms een aai over hun bol of een tik tegen de neus en een snauw. Hoe dan ook: ze ontmoeten alles in het hier en nu, open en zonder digitale code of plan van aanpak. Wat een vrijheid. 

Je bewust worden van je automatische scanner kan niet alleen verbluffend verhelderend zijn, maar ook gewoonweg superleuk. 'Waar kijk ik naar, waar zoek ik naar en om welke reden?'

Het opmerken van zo'n ingeslepen gewoonte kan buitengewoon veel ruimte geven en een ingang zijn naar meer openheid. Je verbreedt je horizon en dan kan je blik zomaar en heel spontaan vallen op het onverwachte, het  ongezochte en een scala aan mogelijkheden kan zich dan openen! Dat helemaal open en present zijn, noemt Eckhart wel: The Power of Now. Wat mij betreft: The Power of Dogs.


Meer weten over bewustwording?

woensdag 11 september 2019

Kussend door het leven! Is er iets beters te doen?

Tijdens een vakantie kom ik hem tegen. Een oude man.  Hij zit op een bankje, te genieten van de zon.

Als ik met mijn boek naast hem ga zitten, begint hij al snel te vertellen over het overlijden van zijn geliefde.

Hij pakt mijn hand en vertelt hoe hij de hare vasthield, op het laatst van haar leven. Vol genegenheid en volkomen open kijkt hij me door zijn dikke brillenglazen heen aan. 'Weet je wat ze altijd deed?' en zonder op het antwoord te wachten, pakt hij mijn arm en begint erover te aaien. 'Kijk, dit deed ze altijd bij mij en ook op haar sterfbed bleef ze dit doen. en dan zei ze keer op keer: 'je bent lief, je bent lief, je bent lief''.

Hij voert me met zijn verhaal mee in zijn herinnering en ik zie ze zo voor me zitten. Deze twee mensen, aan elkaar verknocht.

De rem is ervan af en hij vertelt trots verder dat ze jaren lief en leed hebben gedeeld. Zijn gedachten dwalen af naar het moment dat ze elkaar ontmoetten. 18, was zij en hij net 19. Toen ze stierf was ze 88 en dat is al zeven jaar geleden. 'Prachtig was ze', fluistert hij me toe. Blonde haren, altijd vrolijk. Nee, niets was haar te veel. 'Ik heb haar vaak getekend. Liefst als ze het niet in de gaten had. Als ze de was ophing aan een lijntje. Dan rekte ze zich zo elegant uit. Dat doen ze tegenwoordig niet meer; was ophangen aan een lijntje'. Hij zucht diep. 'Ze was niet de enige hoor, die ik tekende. Ik teken nog steeds. Als ik niet meer teken, is het voorbij'.

Hij laat mijn hand niet meer los en vertelt verder: 'We wonen ons hele leven al hier op het dorp. Kun je je dat voorstellen? Nooit verhuisd. Zelfs hetzelfde huis. We waren hier gewoon gelukkig. Nu woon ik niet meer in ons huis, maar in een verzorgingstehuis. Een huis met oude mensen. Ik kan daar met niemand praten. Of ze horen me niet, of ik moet mezelf steeds herhalen. Nee, er is niets aan daar. Daarom kom ik hier, in dit park, op deze bank. Soms maakt dan iemand een praatje met me, zoals jij nu.' En dan lijkt het net of hij me voor de eerste keer ziet. Hij begint weer vol enthousiasme mijn arm weer te aaien.

We keuvelen nog wat door en hij vertelt over de talloze schilderijen die hij heeft gemaakt en de tekeningen die hij nu nog steeds maakt, ook al bibbert zijn hand af en toe wel. Olieverf heeft hij opgegeven, dat lukt niet meer, maar 'potloden zijn ook prima, hoor'.

Als afscheid sla ik mijn armen om hem heen en geef hem een knuffel. Dan gaat hij helemaal rechtop zitten en zegt dan: 'Nou dat is lang geleden zeg, dat ik een knuffel kreeg. Kom jij maar eens even hier, dan krijg je er eentje terug' en met een kracht, die ik in eerste instantie niet bij hem zou zoeken, geeft hij mij een klinkende zoen op mijn wang en hij lijkt helemaal tevreden over het resultaat.

'Weet je, mijn vrouw en ik hebben elkaar een kus gegeven toen we elkaar ontmoetten en dat hebben we ons hele leven volgehouden. Tot op haar sterfbed hebben we kusjes gegeven. Is dat niet een prachtige manier om te leven en te sterven?'.

Met mijn boek onder mijn arm loop ik weer verder. Ik kan me haast niet voorstellen dat er iets zinvollers in dat boek staat dan dit ene moment.


www.silent-touch.nl


Niet omdat het moet, maar gewoon omdat het misschien wel kan!


Daar zit ze. Stil in een hoek op een parkeerterrein. Ze probeert zich zo klein en onzichtbaar mogelijk te maken. Als ik haar benader, tracht ze wanhopig weg te komen, maar totaal verzwakt, kan ze nies anders doen dan paniekerig om zich een kijken. Er is geen ontkomen aan: ze moet zich overgeven aan de kom van mijn handen. 

Opgegroeid met vogels (en vele gered uit de klauwen van de straatkatten van Amsterdam) voel ik haar tere lijfje in mijn handen beven. Haar zachte donsachtige veren kriebelen tegen mijn palmen. Zachtjes voor haar zingend, loop ik met haar naar huis. Ik passeer mijn buurman, waarvan ik weet dat hij duiven vreselijk vindt. Hij kijkt afkeurend naar mijn handen. Ik neurie onverstoorbaar door en als ik thuis kom met dit kwetsbare jonge leventje, staat mijn man al klaar met de honden bench, een warme deken erin, een kommetje met water en wat vogelvoer. Zonder veel woorden manoeuvreren we het kleintje in het tijdelijke nestje en bedekken het geheel met een warme deken. Het wordt een koude nacht.

Vanochtend als de deken wordt opgelicht, piept ze voorzichtig uit haar hoekje en pikt voorzichtig een graantje. Ze slaat haar blauwachtige vleugels uit en het lijkt erop dat ze zich beter voelt. Als ik haar bevrijd uit de bench, blijkt dat ze helaas nog niet aangesterkt en verloren zit ze weer in een hoekje op de grond. Voorzichtig til ik haar weer op en besluit haar naar het Vogelhospitaal in Haarlem Noord te brengen.

Ik zing mijn lied en draag haar over aan een serieuze, lieve jongedame, die vakkundig en eerbiedig deze jongeling onderzoekt, weegt en tot slot meeneemt naar haar duifgenoten, waar ze kan aansterken en kan leren vliegen in een veilige omgeving. Met een brede en geruststellende glimlach zwaait ze me uit. Dat zit wel goed! Ik laat een kleine donatie achter als tegemoetkoming voor de kosten.

Terwijl ik wegrijd, laat ik mijn blik nog eens goed over het hospitaal gaan. Keurig en eenvoudig ziet het eruit. Het heeft nog het meeste weg van een verbouwde schuur. Een deel van het dak wordt gevormd door een stuk plastic dat degelijk is vastgebonden. Ik voel me er een beetje ongemakkelijk bij. Bij de aanblik van dat stuk plastic, vraag ik me af of ik dit hospitaal wat kan steunen? Zo'n kapot dak in een hospitaal, dat klopt toch niet? Bij het nabijgelegen Spaarne hospitaal zou het dak er nog geen dag zo bij liggen, nog geen úúr, vermoed ik.

Ik neem me voor vanavond een blog te schrijven, voor hen die misschien een donatie kunnen geven. Niet omdat het moet, maar gewoon omdat het misschien wel kan!

Hieronder de gegevens voor donaties:
Stichting Vogelrampenfonds IBAN NL73 INGB 0000 199 399 onder vermelding van donatie en de link naar de donatiepagina.

Gevleugelde groet!





Er is niet íets, maar er is àlles!

De avondzon belicht de lange, houten tafel in een diep warme gloed. De tafel is vol. Misschien wel chaotisch vol. Ze houdt van deze dynamiek. De tafel is gevuld met glazen en servies in verschillende kleuren en maten. Er zijn flessen met sprankelend water, wijn en schalen met eten. De wijn is geurig, net zoals de zomerse bloemen in de tuin. De verse groenten liggen gerangschikt in de grote schalen, frisse salades staan uitnodigend klaar. Jonge mannen en vrouwen praten uitbundig met elkaar. De honden banjeren rond de tafel in de hoop dat er iets per ongeluk (of niet zo per ongeluk) valt. Zomaar een vakantiedag in Friesland. Iedereen geniet zichtbaar. Het maakt haar gelukkig. Ze loopt wat rond en bedenkt dat dit toch zeker één van haar favoriete bezigheden is: eten met het gezin. Ze zijn er bijna allemaal; zes kids met aanhang inmiddels. Een behoorlijke berg fijne mensen bij elkaar. Haar blik glijdt liefkozend over haar echtgenoot en het hele span.

Dan plotseling duizelt het haar. Het tafereel, het samenzijn brengt een oude herinnering naar boven. Duizenden puzzelstukjes lijken in één keer op hun plaats te vallen en vormen een levend geheel. Haar hart zwelt op en haar ogen vullen zich met tranen, tranen van dankbaarheid, verwondering en ontzag. 'This is a dream come true', schiet door haar heen.

Hoe kan ze uitleggen dat deze mensen, dit samenzijn ooit als een visioen aan haar voorbij kwam toen ze kind was, een diepe wens? Ze had geen ambities voor een schitterende carrière, een vrijstaande villa of aanzien. Eigenlijk nooit gehad. Nee, niets van dat al. Ze wenste maar een ding. Dit.

Als jong meisje zag ze het tot in detail heel helder voor zich:
een lange tafel, in Friesland, met wel zes kinderen. Een tafel vol heerlijk eten, gevulde glazen en gezelligheid. Aan die tafel zag ze zichzelf zitten, met wel zes kinderen, een lieve man en spelende honden. Dit liefdevolle en harmonieuze beeld, was een pareltje dat diep in haar hart verscholen lag, ook als het leven wel eens wat moeilijker verliep. Als een baken was dit beeld er en diep in haar was een stil en vast vertrouwen op geluk en liefde. 

Nu plotseling valt deze droom uit haar jeugd samen in het hier en in het nu. Ietwat verbouwereerd knijpt ze even in haar armen om er zeker van te zijn dat ze niet droomt.

'Mam, is er iets?'
'Jazeker, maar er is niet íets; er is àlles!'